Werken in een scrum team: Je moet er maar op komen [deel 1]

dinsdag 11 augustus 2015

Denk je ook wel eens bij een nieuwe uitvinding: “Dat had ik ook kunnen bedenken”? Een paar herkenbare voorbeelden zullen zijn: de paperclip, de quooker, post-it notities, de bril, het wiel, lego, de frisbee, de smiley, de gleuf in de stoelrugleuning zodat je tas er niet afglijdt… of scrum.

Maar voor al deze ’simpele’ uitvindingen geldt: “Je moet er maar op komen”.

Als je bekijkt op welke manier sommige uitvindingen zijn ontstaan, ontdek je drie dingen. In dit blog ga ik hier dieper op in en in het bijzonder op het ontstaan van scrum.

Wat is uitvinden?

Waarom vinden we dingen uit? En hoe komen nieuwe uitvindingen tot stand? Uitvinden is…

  • je ergeren aan iets
  • het combineren van dingen uit je ervaring tot iets nieuws
  • research, research, uitproberen, uitproberen

Ergeren

De quooker is bijvoorbeeld ontstaan door ‘ergeren’. Ingenieur Henri Peteri was betrokken bij de ontwikkeling van instant soep en ergerde zich. Na een vergadering over deze soep, schreef hij het volgende:

“Dus ik zei: hoe lang duurt ’t voordat het poeder is opgelost! Eindelijk kreeg ik het antwoord: “it takes five seconds to rehydrate 95%”. Ik kreeg een raar gevoel in mijn maag: vijf seconden?! En daar moet water bij uit een ketel die vijf minuten op het vuur moet staan… wat een waanzin! Waarom hebben we geen kokend water in huis?”

Combineren van dingen uit je ervaring tot iets nieuws

Henri kon zijn gedachten er niet vanaf zetten. Hier moest toch een oplossing voor zijn?

“Ik zag ’t meteen voor me en dacht: “dat kan niet moeilijk zijn”. Dat is gewoon mechanical engineering, daar weet ik genoeg van af”.

Dit bracht hem op het idee: een mechanisme om water te koken en een waterkraan waar kokend water uitkomt.

Research, research, uitproberen, uitproberen

Maar in hoeverre was zijn idee goed? En zouden mensen er in geloven en er behoeften aan hebben? Dit ging Henri onderzoeken door jarenlang te experimenteren. Uiteindelijk werd de Quooker Basic in 1992 op de markt geïntroduceerd: Kokend water uit de kraan. Dit was maar liefst 22 jaar later!

Een vergelijkbaar verhaal vertelt Jeff Sutherland in zijn boek ‘Scrum’ over de ontstaansgeschiedenis van Scrum.

Scrum ontstaan uit ergernis

Jeff Sutherland ergerde zich aan de wijze waarop mensen projectmatig werkten. Ik beloofde in deel 0 van deze serie dat ik het woord ‘Waterval’ niet meer zou gebruiken, maar dat was wel waar Jeff zich aan ergerde: aan ‘W…’ en aan de duizenden verspilde uren voor het maken van planningen die toch niet werden waargemaakt.

Scrum: ontstaan uit combinatie van unieke ervaringen

Scrum is een uitvinding die alle kenmerken van ‘eenvoud’ heeft. De regels en componenten zijn zeer eenvoudig én gering in aantal. Want wat is scrum nu eigenlijk?

Een manier om software te ontwikkelen waarbij een team, volgens een vaste timebox, werkende software oplevert.

De spelregels

De regels en componenten op een rijtje:

  • Er zijn slechts drie rollen: product owner, scrum master en ontwikkelaar.
    • De product owner onderhoudt een geprioriteerde lijst (de product backlog) met ‘items’ die hij gerealiseerd wil zien.
    • De scrum master heeft als taak om alle zaken die een goede voortgang belemmeren weg te werken.
    • De ontwikkelaars zijn verantwoordelijk voor het realiseren van de items. Ze zijn samen in staat om alle taken uit te voeren.
  • Een scrum team bestaat uit maximaal negen personen (inclusief product owner en scrum master) maar liever minder.
  • Een timebox (sprint) is een periode van een week tot maximaal vier weken.

  • Als de duur van een sprint is vastgesteld, wordt hier niet meer van afgeweken. Wel kan er na een aantal sprints een nieuwe afspraak gemaakt worden voor de duur van toekomstige sprints.

  • Aan het begin van elke sprint (sprintplanning meeting) bepaalt het team welke items ze gaan realiseren (de sprintbacklog).

  • Het team focust zich gedurende de sprint alleen op de gekozen items.

  • Het team is zelfsturend - binnen de spelregels van scrum - en bedenkt zelf hoe zij items realiseert.

  • Het team draagt samen de verantwoordelijkheid over alle items.

  • Een item is pas af als hij voldoet aan de van te voren opgestelde kwaliteitscriteria (definition of done).

  • Elke dag komt het team bij elkaar om te bespreken wat de voorgaande dag is gedaan om de sprint te halen, wat er vandaag opgepakt gaat worden om de sprint te halen en welke belemmeringen er zijn (de daily standup).

  • Aan het eind van de sprint, laat het team aan belangstellenden zien hoe de nieuwe software werkt (demo of sprintreview). Alleen gerealiseerde items worden hierbij getoond.

  • Na de demo houdt het team intern een retrospective, waarbij ze nagaan wat goed is gegaan en wat beter kan. Het gaat hierbij altijd om het proces, nooit om het afrekenen van fouten op personen.

  • Een team zal na een aantal sprints beter presteren door continue verbetering.

Deze spelregels rond scrum zijn niet op een achternamiddag bedacht. Ze zijn het resultaat van een aantal ervaringen van Jeff Sutherland en zijn co-werkers, het “jatten van goede ideeën” (zoals hij het zelf noemt) en tientallen onderzoeken.

Een voorbeeld van het ’jatten van een goed idee’:

Jeff nam vaak studenten in dienst die uit het MIT-medialab kwamen. Het MIT had een procedure bedacht die heel goed werkte. Jeff schrijft in zijn boek ‘Scrum’ hierover:

“Bij het medialab moesten alle teams aan hun collega’s demonstreren waar ze mee bezig waren. Het was een open demonstratie; iedereen mocht komen. En als het gedemonstreerde niet werkte én fascinerend was, zette de directie het project onmiddellijk stop. Daardoor werden de studenten gedwongen snel met iets interessants te komen en, het allerbelangrijkste, ze kregen er direct feedback op”.

Zo kwam Jeff op het idee om een werkend product binnen een timebox te maken en dit te demonstreren.

Voor elk scrum principe is er zo’n verhaal te vertellen. Je kunt ze terugvinden in het boek ‘Scrum’ van Jeff Sutherland.

Research, research, uitproberen en uitproberen

Een aantal principes zijn voortgekomen uit klassieke onderzoeken of gedegen research, waaronder het bekijken en bestuderen van succesvolle sportteams.

Eén van de belangrijkste bevindingen, waarvan je zou denken dat dat ‘gewoon intuïtief’ bedacht is, is de focus op de zelfsturendheid van teams. Maar Jeff koos deze zelfsturendheid op basis van vele onderzoeken.

Zo ook het idee van ‘continue verbetering’. Dit is terug te voeren op ideeën van W. Edwards Deming (1950!).

Ergernis, combineren van ervaringen en research leiden tot prachtige uitvindingen. Scrum is daar een voorbeeld van.

Dus: als jij ergens op komt... geef niet op! Als je iets uitvindt geeft dat een kick en het neemt een ergernis weg.